De dennenboom staat te geuren,
de soep staat op het fornuis.
Kom toch mijn kerstfeest kleuren.
Ik ontvang je gaarne thuis.

 


 

Buiten giert de wind door de bomen,
maar het is warm in mijn huis.
Ik hoop dat jullie met kerstmis komen
zorgen voor lekker feestgedruis.
 



Buiten huilt de wind om het huis.
Gezelligheid heerst er binnen.
Komen jullie bij ons langs,
als we aan het kerstmaal gaan beginnen?

 


 

Maak mijn kerstmis toch gezellig.
Heus ik weet ... dat kan je.
Kom langs, laten we vrede sluiten
en klinken met bruisende champagne.
 



De wijn wordt ontkurkt, het vlees gebraden.
Mijn huis is gezellig, ik ben tevree,
maar de kerstdagen zijn pas echt geslaagd
met jou erbij. Prik je een vorkje mee?
 



Overal in huis hangen de slingers,
aan de deur een mooie krans.
Zoek me weer eens op met kerstmis,
geef onze vriendschap nog een kans.

 


Als jij nu eens langs zou komen,
Ach, wat zou me dat verblijden.
Kom met kerstmis dan heffen we
het glas op de goede, oude tijden.



De gure wind giert door de straten,
door de stegen, over het plein.
Hier in mijn huisje is het gezellig,
hier bij me binnen is het fijn.
Als jij nu eens langs zou komen,
Ach, wat zou me dat verblijden.
Kom met kerstmis dan heffen we
het glas op de goede, oude tijden.

 


 

Aangepast zoeken

Lever uw bijdrage en stuur een tekst op: